Erwin: Deze week schrijft Menno over de grote aardslak als helper tegen andere naaktslakken. Liever luisteren? In aflevering #245 praten we erover.
Onze vriend en helper de grote aardslak
Ze staan aan onze kant, de aardslakken. En zeker de mooiste (en grootste) van allemaal, de grote aardslak Die reus, tot wel 20 centimeter lang, is onze grote helper in de strijd tegen andere naaktslakken. En die staan er natuurlijk niet goed op. Deze slijmerige wezens eten onze sla en andere tuinplanten op. Aardslakken jagen op andere naaktslakken en eten hun eitjes op. En verder voeden ze zich vooral met aas en plantenresten. En toegegeven, af en toe bezondigen ze zich ook wel eens en vreten van onze planten. Dat zij ze vergeven. Ze zijn heel fraai van tekening. Niet voor niets is hun tweede naam tijgerslak. En ze hebben een spectaculair seksleven.
Dertig miljoen jaar geleden kropen midden in Duitsland (in de Rhön) directe voorouders van onze huidige aardslakken rond. Dat lijkt een hele poos, maar nu ook weer niet zo lang als men bedenkt dat slakken al zo’n 500 miljoen jaar geleden de zeeën bevolkten. Toen ze een keer op het land kropen beschikten ze over een soort longen en droegen allemaal een beschermend kalkhuis met zich mee. Die longen hebben alle landslakken nog steeds. Maar bij een aantal van hen verdwenen de huisjes, helemaal of voor het grootste deel. Dat had het voordeel dat ze minder afhankelijk waren van een kalkrijke leefomgeving. De aardslakken hebben wel een vlakke inwendige schelp gehouden. Daarop zijn de groeilijnen van de ontwikkeling te zien. Aan de buitenkant ligt het mantelschild er over heen. Het mantelschild zelf is gevlekt en loopt door tot in een punt halverwege het lichaam. De rest van het lichaam laat de karakteristieke donkerbruine en soms zwarte (tijger)strepen zien. Of soms ook niet. Alleen als men egale zwarte, gele, bruine of rode naaktslakken ziet zonder enige tekening weet men zeker dat het niet om tijgerslakken gaat. Wie het helemaal zeker wil weten moet de slak omdraaien. Dan ziet men bij de grote aardslak een grijswitte voet die in de lengterichting in drie banden is verdeeld, de middelste wat lichter van kleur.
Grote aardslakken kunnen overwinteren en worden twee tot drie jaar oud. Hun voortplanting is, als bij wel meer naaktslakken, spectaculair. Ze zijn tweeslachtig en kunnen zich zelf bevruchten. Maar bij een echte paring worden na een voorspel de lange penisachtige geslachtorganen uitgestulpt en om elkaar heen gewikkeld. De penissen geven dan zowel sperma af als nemen het sperma van de andere worm op. De slakken verstrengelen zich daarbij en laten zich van een uitstekende tak of stuk muur naar beneden zakken aan een lange slijmdraad van ongeveer 40 centimeter lengte. Het ritueel kan snel gaan maar ook uren duren. Uiteindelijk laat de ene slak zich op de grond vallen terwijl de andere via de slijmdraad weer omhoog klimt. Deze slak mag als beloning de draad daarbij opeten.
Vond je dit een waardevolle nieuwsbrief? Deel hem met iemand die ook graag stilstaat bij wat er buiten gebeurt.
Nog geen lid? Elke week de nieuwsbrief in je inbox en de podcast in je feed, gratis.
🐌 Welke naaktslak kwam jij tegen op je ommetje?
Noteer hem in de Natuurwandeldagboek-app — tot 25 waarnemingen gratis.
Liever op papier? Menno’s Natuurwandeldagboek: twaalf maanden noteren wat je buiten tegenkomt. Boek €24,95 + €4,95 verzending, of de bundel met een jaar app voor €79. Verschijnt in het voorjaar van 2027, verzending binnen Nederland.
Podcast en nieuwsbrief blijven gratis. Tot de volgende keer! Menno en Erwin


